Wereldwijde transitie in luchtvrachtvervoer

Het gaat niet goed met het vrachtvervoer van Air France-KLM. Deze week wordt een besluit genomen over de toekomst van de verliesgevende vrachtvloot. De problemen zijn een direct gevolg van de trend dat luchtvaartmaatschappijen het risico steeds vaker bij specialisten als FedEx en DHL neerleggen, meldt het FD van 2 september 2014.

De luchtvracht maakt een structurele verandering door: het vrachtvervoer verschuift van de luchtvaartmaatschappijen naar de ‘integrators’, deur-tot-deurbezorgers met wereldwijde netwerken en eigen vliegtuigen en trucks, zoals DHL en FedEx.

‘Het is een trend dat luchtvaartmaatschappijen het risico bij specialisten neerleggen’, constateert luchtvaarteconoom Hugo Roos. Vervoerders zijn volgens hem inwisselbare partijen geworden. Wie het vervoer verzorgt, is van ondergeschikt belang: prijs en beschikbare capaciteit geven de doorslag. Integrators trekken wereldwijd de grotere vrachtvervoersstromen naar zich toe. Luchtvaartmaatschappijen als KLM of Lufthansa fungeren daarbij soms als onderaannemer.

De negen vrachttoestellen van Martinair en KLM Cargo vliegen op zo’n dertig specifieke vrachtbestemmingen. Als deze verdwijnen, ligt het gevaar op de loer dat logistieke bedrijven met wereldwijde netwerken die nu gebruik maken van diensten van KLM of Martinair, vrachtstromen via een andere luchthaven in Europa gaan vervoeren. Eentje waar die verbinding wél aanwezig is. Schiphol, na Frankfurt en Parijs de derde luchthaven voor vracht in Noordwest-Europa, wordt zo nog meer speelbal van internationale krachten.

Volgens Roos hebben grote logistieke bedrijven een groter verkoopapparaat tot hun beschikking en meer modaliteiten. Gewone luchtvaartmaatschappijen kunnen daar niet tegenop. ‘De Nederlandse paprika’s die naar Japan gaan, worden vanaf alle Europese luchthavens vervoerd, omdat KLM daar in zijn eentje niet genoeg capaciteit voor heeft. De pallets met paprika’s gaan over de weg door heel Europa, om vervolgens met Lufthansa, ANA, Air France of Cargolux naar Japan te worden gevlogen.’

Hoewel KLM blijft doorgaan met het vervoeren van vracht in het ruim van passagiersvliegtuigen, zien vervoerders dit niet als een volwaardig alternatief voor vervoer met vrachttoestellen. Voor veel luchtvaartmaatschappijen is het vervoer van vracht in de ruimen van passagiersvliegtuigen ook steeds minder aantrekkelijk, omdat ze zo snel mogelijk willen doorvliegen. En vracht afhandelen kost nu eenmaal tijd.

De vrachtoverslag op Schiphol groeide overigens het afgelopen halfjaar nog met 9,1 procent. Directeur Vracht van Schiphol Enno Osinga spreekt in het FD de verwachting uit dat Schiphol erin zal slagen die opgaande lijn vast te houden, los van de vrachtbeslissing van KLM. ‘Wij hebben een snellere afhandeling en betere distributiecentra dan onze grote concurrenten. Daarbij: als hier vracht naartoe moet, zal er altijd iemand zijn die dat wil vervoeren.’