Stec Groep: bedrijfsverplaatsingen gaan onverminderd door

Stec Groep

Ook in 2018 ging het aantal bovenregionale bedrijfsverplaatsingen in Nederland onverminderd door. Het niveau van recordjaar 2017 werd daarbij zelfs geëvenaard. De bloeiende Nederlandse economie, de aanstaande brexit én de groei van de logistieke sector zorgen ervoor dat bedrijven blijven investeren. In het kielzog van het Europees Geneesmiddelen Agentschap (EMA) kozen diverse bedrijven uit de life sciences-sector voor een nieuwe locatie in ons land. Maar ook bedrijven uit andere sectoren kozen strategisch voor uitbreiding, verplaatsing en/of nieuwe vestiging in Nederland. In totaal gaat het om 54 bedrijven en bijna 8000 banen in 2018. Dat blijkt uit jaarlijks onderzoek van Stec Groep.

In 2017 landde als gevolg van de voorgenomen brexit de eerste bedrijvengolf in Nederland; in 2018 was het effect weliswaar kleiner maar nog steeds aanwezig. Tot nu toe profiteert vooral Amsterdam. Zo keerde de Royal Bank of Scotland met haar Europese hoofdkantoor terug naar de Zuidas en opende de Britse sportstreaminggigant DAZN een ontwikkelingscentrum in de hoofdstad.

Ook indirect zorgt de brexit – en de komst van het EMA – voor investeringsbeslissingen. Farmaceutische bedrijven Novartis (verplaatsing uit Arnhem) en Sanofi Genzyme (samenvoeging vanuit Naarden en Gouda) kozen voor Amsterdam. Kite Pharma (onderdeel van Gilead) koos voor een eerste productiefaciliteit in Hoofddorp. Ook kleinere life sciences-bedrijven en aanverwante bedrijven kozen voor de regio Amsterdam, zoals Alnylam Pharmaceuticals en de Amerikaanse Food and Drugs Agency (FDA).

Amsterdam houdt koppositie voor kantoren

De regio Amsterdam blijft de meest aantrekkelijke vestigingsplaats voor (hoofd)kantoren in Nederland. Tien grote bedrijven kozen in 2018 voor deze regio, waaronder Intrum, Asus en Novisource. Op de tweede plaats volgen de regio’s Rotterdam (onder andere Webhelp, Caiway en RHI Magnesita) en Utrecht (onder meer Specsavers en Ultimaker). In totaal koos bijna 75 procent van de kantoorgebruikers voor een van de G4-steden, wat aantoont dat de verdere concentratie en polarisatie op de kantorenmarkt doorzet.

Buiten de G4 zijn bovenregionale vestigers een uitzondering. De overige kantoorsteden bedienen voornamelijk de lokale en regionale markt. Ook hierbinnen is een opschaling zichtbaar naar de grootste kantoorsteden (zoals Arnhem, Zwolle, ’s-Hertogenbosch en Eindhoven).

Veel regio’s profiteren van logistieke dynamiek

In 2018 bleek opnieuw dat logistieke eindgebruikers ook naar locaties buiten de traditionele hotspots kijken. Gemeenten als Zaltbommel (DHL en Mainfreight), Zeewolde (VSH Integrated Piping Systems), Almere (PostNL) en Almelo (Bleckmann/Vtech) bijvoorbeeld. De traditionele hotspots (West-Brabant, Tilburg-Waalwijk, Venlo-Venray) blijven overigens sterk vertegenwoordigd, met onder meer vestigingen van Broekman Logistics en De Bijenkorf (Tilburg), Lidl (Moerdijk) en Nunner Logistics (Venlo).

Ook diverse groothandels veranderden van locatie, zoals Sligro (samenvoeging Enschede en Deventer op A1 Bedrijvenpark in Deventer), Welkoop (verplaatsing van Ede naar Apeldoorn), Technische Unie (uitbreiding met nieuwe vestiging in Utrecht) en Plieger (uitbreiding met nieuwe locatie in Amstelveen).

De investeringsdynamiek onder industriële bedrijven kwam in 2018 zowel vanuit buitenlandse bedrijven die een eerste vestiging in Nederland openden, als vanuit al in Nederland gevestigde ondernemingen. Zo kozen Mitsui Chemicals Group (Geleen) en Re-Teck (Breda) voor hun eerste vestiging op Nederlandse bodem.

Typerend is dat het bij al in Nederland gevestigde bedrijven hoofdzakelijk ging om uitbreidingen met een extra vestiging. Zo bouwt Protix Biosystems (uit Dongen) een extra productielocatie in Bergen op Zoom en vestigt Morssinkhof Rymoplast een fabriek in Heerenveen. Ook de samenvoeging van de vestigingen van S.A.B. Profiel uit Nieuwegein en IJsselstein op een nieuwe locatie in Geldermalsen is een voorbeeld van industriële locatiedynamiek.

XXL-trend in logistiek zet door

Directeur Wim Eringfeld van Stec Groep noemt ook de verwachtingen voor de korte termijn positief. ‘Vanuit de logistieke sector hangen nog diverse grote locatiebeslissingen boven de markt. Op veel strategische logistieke locaties in Nederland liggen opties en reserveringen op XXL-kavels, ook vanuit nieuwe spelers.’

Volgens Eringfeld zorgen schaalvergroting en de groei in e-commerce voor aanhoudende interesse. Het thema arbeidsmarkt wordt bij de locatiekeuze wel steeds belangrijker, meent hij. ‘Logistieke knooppunten moeten versterkt worden en aangepast aan de supply chains van de toekomst. Samenwerking tussen overheid en bedrijfsleven is nu cruciaal.’

Voor de kantorenmarkt wordt een nog sterkere polarisatie verwacht. Guido van der Molen, expert kantorenmarkt bij Stec Groep: ‘Op elk niveau zien we de concentratiebeweging terug: op landelijk niveau de trek naar de G4, maar ook bijvoorbeeld binnen de G4 naar de meest aantrekkelijke multimodale (top)knooppuntlocaties zoals het stationsgebied van Utrecht, de Zuidas in Amsterdam, het Central Innovation District (CID) in Den Haag en het Rotterdam Central District.’

Genoemde gebieden zijn volgens Van der Molen uitstekend bereikbaar, van hoge kwaliteit en kennen een mix van functies. Door het verbeteren van de mix van wonen, werken en verblijven, veranderen deze locaties van ‘place to go’ naar ‘place to stay’, omschrijft Van der Molen. ‘Dit is voor kantoorgebruikers, in ‘the war on talent’, steeds belangrijker.’