Robotangst verdwijnt: cobots in opmars

Van alle bedrijven in de industrie werkt al 29 procent met collaboratieve robots, oftewel cobots. Dat blijkt uit cijfers van het CBS. Reichelt Elektronik Magazine meldt zelfs dat 95 procent van de beslissers in de industrie aangeeft interesse te hebben in cobots. De angst dat ‘robots onze banen overnemen’ lijkt daarmee te verdwijnen.

‘Een cobot is ontworpen om mét mensen te werken, niet om mensen te vervangen’, meldt Robbin Mennings. Hij is oprichter van het in collaboratieve robots gespecialiseerde WiredWorkers. ‘Cobots worden ook wel mensgerichte robots genoemd en kunnen mensen helpen om het werk dat ze doen gemakkelijker te maken en te verfijnen.’

Vervuilde, onveilige, saaie, eentonige of repetitieve taken kunnen door de robot worden uitgevoerd. Voor medewerkers blijft er daardoor tijd over voor andere taken. Kwaliteitscontroles en onderhoud bijvoorbeeld. Maar ook de montage van een product kan in samenwerking met een cobot plaatsvinden. De cobot schroeft bijvoorbeeld een product en de medewerker maakt het een stap verder in het proces helemaal af.

Meer werkplezier en minder RSI

De angst voor robots, en met name cobots, is volgens Mennings ongegrond. ‘Doordat medewerkers worden ondersteund, zullen ze meer plezier beleven aan het werk dat ze doen. Het saaie, eentonige werk wordt uitbesteed aan de robot.’ Voor de medewerkers betekent dat dat er meer tijd overblijft voor creativiteit, initiatief en oplossingsgericht denken. Ook kan RSI voorkomen worden, wat leidt tot minder ziekteverzuim.

Cobots gemakkelijk te programmeren

Cobots zijn volgens Mennings daarnaast gemakkelijk te programmeren en snel gebruiksklaar dankzij een korte installatietijd. Ze zijn op verschillende afdelingen inzetbaar en werken consistenter en nauwkeuriger dan de mens. Dat heeft ook een positief effect op de veiligheid van werknemers. Bovendien zorgen ze voor meer werkplezier voor werknemers en een verbetering van het productieproces, aldus Mennings.