Reces: lust of last?

De vakantiespreiding in Nederland zorgt ervoor dat niet iedereen gelijktijdig op vakantie gaat. De komkommertijd is goed merkbaar, al is het maar omdat ik mijn koffiemomentje in de dagelijkse file nog bijna ga missen. Hoewel openingstijden van winkels tegenwoordig steeds ruimer worden, de lead-times steeds korter moeten en consumenten minder merkentrouw zijn dan enkele jaren geleden, zijn er toch nog veel bedrijven en instellingen met een totale bedrijfssluiting in de zomerperiode of aan het eind van het jaar. Waarom? En wat betekent dat voor de supply chain?

De Tweede Kamer heeft in juli en augustus zomerreces. De bouwvakvakantie is officieel al jaren geleden uit de cao geschrapt, maar toch doet nog 50 procent van de bouwbedrijven mee aan ‘de bouwvak’, met als gevolg dat een oplevering drie weken later plaatsvindt. Tussen kerst en oud en nieuw zijn ook veel fabrikanten gesloten, al is het maar vanwege de jaarlijkse voorraadtelling. Daardoor moeten klanten hogere voorraden gaan aanhouden. Hoezo customer intimacy?

Zelfstandigen hebben natuurlijk een ander dilemma. Laad ik de accu op en neem ik vakantie of ga ik, op verzoek van de klant, toch door en neem ik op een ander moment vrij? Want ja, ‘no work, no pay’. Kortom: een tijdelijke bedrijfssluiting heeft behoorlijk wat gevolgen, die ook buiten het betreffende bedrijf liggen.

Het gevolg is dat achterblijvers niet veel verder komen dan pappen en nathouden. De operatie blijft in de zomermaanden doorlopen, maar belangrijke beslissingen worden uitgesteld. Uiteindelijk zijn we met ons allen een stuk minder productief en dat kost natuurlijk ook weer geld, terwijl bij de meeste bedrijven het geld niet tegen de plinten op klotst.

In stilte nuttig bezig blijven

Ik realiseer mij dat in juli en augustus bedrijven met een minimale bezetting draaien, maar vraag me wel af in welke mate dit een symptoom is van enige mate van overcapaciteit. Als de belangrijkste processen met minder capaciteit doorgaan, waarom is er dan na de zomervakantie meer capaciteit nodig?

In het algemeen zie je op kantoorafdelingen dan ook regelmatig het verschijnsel ‘in stilte nuttig bezig blijven’, waardoor mensen het druk hebben of druk doen. In de zomermaanden is het bij veel bedrijven wel iets minder druk, maar is dit een gevolg van het gegeven dat een aantal ketenpartijen er tijdelijk niet is of neemt de klantvraag ook werkelijk af?

Het tegenovergestelde zie je ook. Supermarkten in Zeeland draaien weekomzetten in de zomermaanden die wel tien keer hoger zijn dan buiten deze periode. Daar staat tegenover dat het aantal transportaanvragen voor non-food weer afneemt.

Het bedrijf een paar weken sluiten, is voor een onderneming wellicht een logische stap. Maar als je het mij vraagt, worden de toeleveranciers en de klanten opgezadeld met extra uitdagingen. Voorraden moeten tijdelijk worden verhoogd, lead-times worden aangepast en bestel- en afleverschema’s in verschillende systemen worden gecodeerd.

Ik begrijp dat het voor kleinere bedrijven lastig is om de 100-80-60-regel toe te passen (één persoon weet ‘alles’, de vervanger weet 80 procent en de tweede vervanger weet 60 procent van hetgeen de expert weet). Tijdelijke bedrijfssluiting is dan een goede oplossing voor allerlei praktische problemen. Ik vraag mij wel af of het nog van deze tijd is. Uiteindelijk draait het om klantwaarde leveren en een bedrijfssluiting hoort daar volgens mij niet bij.

Natuurlijk kun je als bedrijf wel een rationele en economische onderbouwing opstellen voor een tijdelijke sluiting, maar ik ben van mening dat de ketenimpact beperkt wordt meegenomen. Zo worden klanten niet gecompenseerd voor hogere voorraden omdat een toeleverancier een paar weken de deuren sluit.

Voorspelbare flows

In de supply chain streven we zoveel mogelijk naar stabiele, voorspelbare flows. We trekken hiervoor van alles uit de kast: S&OP, ketensamenwerking, processen worden lean ingericht, productieplanningen zijn gemeengoed, maar een keten-business-case voor een tijdelijke bedrijfssluiting heb ik nog nooit gezien.

Dit is er natuurlijk wel weer een mooi voorbeeld van dat ook de kleinere bedrijven soms toch aan de touwtjes trekken. De grotere bedrijven zijn namelijk over het algemeen gewoon geopend, terwijl de bedrijven die tijdelijk gesloten zijn bij terugkomst weer direct op stoom moeten zijn om achterstanden weg te werken.

Mijn advies is om ervoor te zorgen dat de 100-80-60-regel wordt ingevoerd in alle geledingen van het bedrijf. Ook tijdens afwezigheid van medewerkers lopen de processen dan gewoon door. De productiviteit vermindert zo nauwelijks en dat is weer goed voor het rendement. Een bedrijfssluiting is dan niet meer aan de orde, waardoor ook de andere ketenpartijen geen last meer hebben van een bedrijfssluiting elders.

Het ligt er maar net aan hoe je het bekijkt, maar wat mij betreft is dit ook een vorm van ketensamenwerking en maak je de supply chain veel minder volatiel – en dat willen we toch zo graag? Als je het mij vraagt leidt een zomer- of kerstreces in de keten vooral tot last.

Hoe denk jij over bedrijfssluitingen? Reageer en prikkel: media@caroz.com.

Edward Heijnen,
Director Supply Chain Development bij Caroz