NEVI-index: lichte daling van exportorders

De exportorders voor Nederland daalden voor het eerst in vier jaar, zij het licht. Dat meldt inkoopvereniging NEVI. De NEVI Purchasing Managers Index (PMI) kwam in juni uit op 52.0. Dit is een daling vergeleken met de 52.7 van mei en houdt de kleinste verbetering in vier maanden in.

De nieuwe orders als geheel stegen in de geringste mate sinds juli 2013 en de toename van de productie was de kleinste in bijna drie jaar. Ook was de hoeveelheid onvoltooid of nog niet uitgevoerd werk in juni voor de eerste keer in vijf maanden kleiner dan de maand ervoor. De voorraad gereed product daalde bovendien voor de vierde maand op rij – en deze maand ook nog eens in de sterkste mate in twaalf maanden. De banengroei was de kleinste in vijftien maanden.

Daar staat tegenover dat de inkoopactiviteiten voor de vierde achtereenvolgende maand werden uitgebreid. Deze uitbreiding was bescheiden, maar groter dan in mei. De voorraad ingekochte materialen was voor de derde keer in vier maanden groter dan de maand ervoor. Deze groei was de grootste sinds november 2015, maar bleef bescheiden. De levertijden waren in juni opnieuw langer. De inkoopprijzen stegen voor het eerst in tien maanden en de verkoopprijzen voor het eerst in zeven maanden.

Brexit

Of de PMI te lijden heeft gehad van de Brexit, is volgens prof. dr. Arjan van Weele, NEVI-hoogleraar Inkoopmanagement aan de TU in Eindhoven, lastig te zeggen. Feit is volgens hem wel dat de exportorderindex voor het eerst sinds vier jaar onder de kritische waarde van 50 zakte: deze kwam uit op 49.8, wat wijst op een licht dalend exportcijfer (een waarde > 50 wijst op toename van het ordervolume ten opzichte van de vorige maand; een waarde < 50 wijst op een afname).

Met name producenten van investeringsgoederen rapporteerden lagere exportorders, aldus de hoogleraar. Toch bleef de binnenlandse vraag, met een indexwaarde van 51.7, volgens hem goed op peil. Productievolumes bleven als gevolg daarvan op een goed niveau (52.0), resulterend in een goede bezetting van het productieapparaat. Iets minder exportorders stelde de productiebedrijven ook in staat om achterstanden in de productie en uitlevering terug te dringen.

Stijgende inkoopprijzen

Wel is het zo dat stijgende inkoopprijzen (van met name staal en staalhalffabricaten) resulteerden in licht hogere verkoopprijzen. Als dit de komende maanden aanhoudt, dan zal dat een rem op de economische groei zetten. Zover is het nu echter nog niet. En met een werkgelegenheidscijfer van 50.7 nam het aantal banen in de industrie ook toe. Pas in juli en augustus zal duidelijk worden wat de werkelijke effecten van de Brexit zijn, meent Van Weele dan ook.