Mensenrechtenschendingen bij grondstofwinning voor windmolens

windmolens

De winning van grondstoffen als koper en ijzer voor windmolens gaat vaak gepaard met milieuschade en mensenrechtenschendingen in de winningslanden. Dat concludeert de Stichting Onderzoek Multinationale Ondernemingen (SOMO) in een eerder dit jaar verschenen rapport. De Nederlandse overheid zou een blinde vlek hebben voor het beschermen van mensenrechten in deze industrie.

SOMO onderzocht voor mensenrechtenorganisatie ActionAid Nederland waar de grondstoffen voor windturbines vandaan komen. Onder de productielanden van die grondstoffen bevinden zich veel lage- en middeninkomenslanden, zoals Zambia, Congo, China en Zuid-Afrika.

Volgens het rapport zorgt gebrekkige regelgeving en toezicht in deze landen ervoor dat standaarden om mens en milieu te beschermen vaak niet gerespecteerd worden. Zo heeft de lokale bevolking in Zambia te lijden onder de watervervuiling van de koperwinning en zijn er veel gevallen bekend van kinderarbeid bij de kobaltwinning in de Democratische Republiek Congo.

Duurzame energievoorziening

Maria van der Heide, beleidsadviseur grondstoffen bij ActionAid: ‘Wij vinden het enorm belangrijk dat klimaatverandering wordt aangepakt en de stap naar een duurzame energievoorziening wordt gezet. Maar echt duurzaam wordt de transitie pas als er ook gekeken wordt naar mensenrechten in de keten van de grondstoffen die gebruikt worden.’

Om de transitie volledig duurzaam te maken, zouden de grondstoffen in groene technologieën volgens SOMO eerlijk en in lijn met de internationale mensenrechtenstandaarden moeten worden gewonnen. De kritiek is dat de Nederlandse overheid mensenrechten niet meeneemt in het uitgeven van vergunningen, terwijl men zich daar wel toe heeft verplicht via internationale regels.

In 2030 zal de Nederlandse productie van windenergie op zee vertienvoudigd zijn. De overheid heeft een sterke regierol in de ontwikkeling van windparken op zee door het verlenen van vergunningen en eventuele subsidies. Van der Heide: ‘Door het opnemen van mensenrechten in tenderprocedures kan de overheid een positieve invloed hebben, door bedrijven te stimuleren om eerlijk gewonnen mineralen te gebruiken en druk uit te oefenen op de mijnbouwindustrie.’

Mensenrechtenschendingen

Ook de windmolenproducenten zelf kijken volgens SOMO niet naar waar hun mineralen vandaan komen. De stichting noemt daarbij de namen van producenten Vestas, Siemens Gamesa Renewable Energy en Nordex. Zij lopen volgens SOMO ‘het risico om bij te dragen aan mensenrechtenschendingen en verval van het milieu’, omdat transparantie en een risico-inschatting over waar ze hun mineralen vandaan halen, ontbreekt.