Mart de Kruif: ‘We leven niet in een maakbare wereld’

‘Er bestaat geen wereld die maakbaar is.’ Dat stelt luitenant-generaal Mart de Kruif. De huidige Commandant Landstrijdkrachten gaf op 19 november 2015 een lezing over leiderschap in het Dorpshuis van Rheden.

De Kruif trapt af met een video van een vuurgevecht in Afghanistan. In 2009 gaf hij leiding aan ruim veertigduizend militairen uit 24 landen die behoorden tot International Security Assistence Force (ISAF), een internationale stabilisatiemacht met een VN-mandaat die de Afghaanse regering moest helpen bij het handhaven van de veiligheid. Als commandant van het Regional Command South was hij verantwoordelijk voor de inzet van de coalitietroepen in de strijd tegen de Taliban. In de video staan vooral de stemmen van de soldaten centraal. Uit de gesprekken blijkt dat de pelotonscommandant is geraakt en er moet iemand naar toe om hem te helpen.

‘Wat u niet ziet, is dat ik hier vlak in de buurt was’, zegt De Kruif. ‘Ik heb ’s avonds aan zijn bed gezeten en heb zijn hand vastgehouden terwijl hij dood ging. Ik heb later een brief geschreven aan zijn ouders, die hun enige zoon verloren hadden. Hij was één van de 282 mensen die zijn overleden onder mijn leiding.’ Hij laat een stilte vallen en zegt dan: ‘Dat is mijn beroep. Wij hebben het enige beroep waarin de opdracht boven alles gaat, ook boven het eigen leven. En dat maakt ons beroep uniek.’

Excellent leiderschap

Voor De Kruif is Gijs Tuinman, die de hoogste dapperheidsonderscheiding ontving voor zijn daden, ‘het schoolvoorbeeld dat we als landmacht hebben leren vechten’. Begin september 2009 weet Tuinman vechtend vanuit een hinderlaag met beleid een reddingsactie aan te sturen. In december bewijst hij tactisch vernieuwend te zijn door drie Nederlandse Cougar-transporthelikopters in te zetten bij de zoektocht naar Taliban-strijders. Dit levert hem de kwalificatie excellent leiderschap op, waarvoor hij tot Ridder Militaire Willemsorde werd geslagen.

Maar wat betekent dat dan, leiderschap? De Kruif gaf leiding in een wereld waarin iedereen wat van hem wilde. Hij illustreert dit met foto’s van hem met vooraanstaande wereldleiders en een foto van zijn wekelijkse persconferentie. ‘Ik was een NATO-militair met een Nederlands uniform. Ik heb talloze politiek leiders op bezoek gehad en zo ongeveer alle media in de wereld gehaald.’

Leiding geven onder extreme omstandigheden vraagt om bijzondere kwaliteiten. De Kruif: ‘Wij kunnen geen advertentie in Intermediair zetten om een commandant voor de landmacht te werven. Wij vormen onze commandanten zelf, want we hebben behoefte aan leiders; niet aan managers. Je hebt kennis en ervaring nodig om onder extreme omstandigheden te kunnen functioneren. Je moet het ruiken, voelen, proeven. Dat bereik je alleen met training, training en nog eens training. Je kunt nooit genoeg trainen.’

Schuldvraag

Als er dan iemand onder je leiding sneuvelt, wie is er dan verantwoordelijk? En wie heeft er schuld? Aan de hand van een paar praktijksituaties illustreert de Commandant Landstrijdkrachten op interactieve wijze dat dit een grijs gebied is. Dat maakt het lastig om mee om te gaan.

De Kruif: ‘Je moet accepteren dat mensen fouten maken. Je moet zorgen dat je jezelf nog kunt aankijken in de spiegel en kunt denken dat je er alles aan hebt gedaan. Leidinggeven doe je niet alleen. Je hebt mensen nodig die kritisch met je meekijken en je af en toe vragen of dit nu wel zo’n goed idee is. Maar ook dan lukt het niet altijd. We leven niet in een maakbare wereld.’

Hiermee raakt hij de kern van zijn krachtige betoog. ‘Twee op de drie mensen die sneuvelden waren officier. En ik zou haast zeggen: “Zo hoort het ook”. We duwen niet van achteren, maar trekken van voren. Leiderschap uit zich vooral als het slecht gaat. Lintjes uitreiken kan iedereen’, aldus De Kruif.