Grondstoffen: het grote schaken is in volle gang

De grote inkopers van belangrijke grondstoffen zijn wereldwijd bezig om nieuwe strategische posities in te nemen. Daarmee willen ze zich weren tegen de grillige grondstoffenmarkten. Voor inkopers zou dat een wake-upcall moeten zijn: als straks de economie weer aantrekt, kunnen zij achter het net vissen.

Begin 2011: bierbrouwer SAB-Miller start een grootschalig landbouwontwikkelingsproject in India, met als doel om alle gerstaanvoer daar vandaan te halen. Een paar maanden later: ’s werelds groot-ste producent van rubberhandschoenen Top Glove kondigt aan om duizenden hectaren latexplantages aan te leggen in Maleisië, Cambodja en Indonesië. Eind januari: Unilever en de Zwitserse cacaoproducent Barry Callebaut gaan een strategisch partnerschap aan om de inkoop van cacao veilig te stellen. Het zijn een paar voorbeelden hoe de inkoop van belangrijke grondstoffen zich wereldwijd aan het herschikken is. Grotendeels wordt dit versterkt door beleid van nationale overheden, zoals exportrestricties en subsidies op biobrandstoffen.

De verwerkende industrie ziet de grondstoffenmarkten door allerlei oorzaken nijpender en volatieler worden door de groeiende vraag uit de BRIC-landen en uit andere industrieën die concurreren om dezelfde grondstoffen. Neem bijvoorbeeld ilmeniet, de belangrijkste grondstof voor titaniumdioxide en titaniummetaal. Titaniumdioxide, een wit pigment, wordt door de helderheid en de ongevaarlijke bestandsdelen vaak voor witte verf gebruikt. Parallel daaraan wordt titaniummetaal sinds enige tijd massaal aangewend door de vliegtuigbouwers, waardoor de prijs de laatste drie jaar meer dan verdubbelde. Voor de chemische industrie is dit een flinke tegenvaller. Vorig jaar zomer sloot AkzoNobel als reactie hierop een contract met het Chinese CAVA Titanium Industry, om samen een titaniumdioxidefabriek te bouwen in Quangxi.

Een ander voorbeeld is cacao, een belangrijk handelsgoed voor de voedingsmiddelenindustrie. Afgelopen jaar was extra spannend vanwege de verkiezingsonlusten in Ivoorkust, goed voor een derde van de wereldproductie van cacao. Toen de export uit Ivoorkust stilviel, explodeerden de prijzen. Daarbij neemt niet alleen de afzet van cacao naar de groei-economieën sterk toe, we zien tevens een verschuiving naar duurzame en maatschappelijk verantwoorde productie. Dit maakt de inkoop van cacao nog kritischer. Cacao komt namelijk uitsluitend uit de gebieden bij de evenaar. Een derde van de oogst gaat gewoonlijk verloren aan ziektes en bederf. Grote inkopers als Mars, Nestlé, Kraft en Hersey investeren sinds enkele jaren steeds meer in opleiding van plantagewerkers en in verbetering van technieken en infrastructuur. Ook zijn er fondsen gevormd voor opvang en scholing van kinderen. De merken willen immers niet vereenzelvigd worden met kinderarbeid en uitbuiting. Met deze projecten willen de grote afnemers ook meer grip krijgen op hun leveranciers en allerlei tussenhandelaren omzeilen.

Risico groeit

Vanwege het effect op de winst, vanwege de ongewenste prijsvolatiliteit en vanwege de leveringszekerheid moeten bedrijven iets doen. En snel ook. Naarmate immers de voorlopers op de wereldmarkten er beter in slagen om hun strategische posities te versterken, groeit het risico voor de volgers. Op de verschillende commodityborden  – denk aan cacao, koffie, rubber, soja, katoen, granen –  is inmiddels het schaakspel in volle gang.  Zodra de economische groei weer aantrekt, en dit hoeft niet eens wereldwijd het geval te zijn, kunnen er in het aanbod van deze commodity’s plotseling grote stagnaties ontstaan. In een ‘catch-as-catch-canmarkt’ gaan dan ongetwijfeld slachtoffers vallen. Iedereen in de waardeketen, van de industrie tot aan de eindverkopers, moet zich daar ongerust over maken. Het gaat om goederen die elke consument gebruikt.

Het formuleren van een adequate strategische respons vereist een nauwkeurige analyse van wat er met een specifieke grondstof kan gebeuren. Dat is geen zaak voor Inkoop alleen. Het gaat ook om technologie, duurzaamheid, financiën en marketing. Inkopers moeten hierbij niet alleen kijken naar hun belangrijkste leverancier van de grondstof, of zelfs hun leveranciers, maar ook een degelijk begrip hebben van concurrerende vraag uit andere bedrijfstakken. Daarbij moeten ze een langere tijdshorizon hanteren dan de gebruikelijke 2 à 3 jaar. Langetermijnplannen zijn nodig, kijkend naar bijvoorbeeld samenwerking met grondstofproducenten, langlopende afnamecontracten, strategische partnerships, investeringen in winnings- of teeltvernieuwingen, of onderzoek naar mogelijke vervangers van de grondstoffen.

De tijd dringt, het schaakspel is gaande. Wie over een paar jaar nog volledig afhankelijk is van importeurs en handelaars in grondstoffen wordt een speelbal van de turbulenties op de markten.

Roger van den Heuvel en Nicolas Constantinesco zijn beiden partner KPMG Operations Strategy Group