‘Elk voordeel heb ze nadeel’

Het nut van social media voor Inkoop en SCM heb ik in een eerdere column al eens benadrukt. Eigen onderzoek onder inkoopprofessionals toont aan dat op dit moment social media vooral worden gebruikt voor eigen (persoonlijk) gewin. Denk hierbij aan het gebruik van LinkedIn, Twitter, Facebook om informatie en kennis op te halen uit de markt. Social media zijn dus nog niet echt social binnen de B2B-context. Echt social wordt het pas als social media worden ingezet om de dialoog aan te gaan met ketenpartners, om real time informatie, kennis en ervaringen uit te wisselen en om samen te werken aan innovatie (co-creatie).

Met andere woorden: om bedrijfsoverstijgende netwerken (of ‘communities’) te vormen waarbinnen wordt samengewerkt aan het realiseren van een collectieve ambitie. Die ambitie kan liggen op het gebied van het opbouwen van meer kennis rond een bepaald onderwerp (bijvoorbeeld duurzaamheid), het verzamelen van suggesties over hoe een specifiek bedrijfsproces kan worden verbeterd, maar ook op het gezamenlijk ontwikkelen van een nieuw product, dienst of technologie.

Op dit moment is het nog niet uitgekristalliseerd welke vormen van social media het meest geschikt zijn voor specifieke SCM-toepassingen. De dialoog aangaan met al uw leveranciers om verbetersuggesties te genereren, vraagt om een heel andere toepassing dan het versnellen van innovatieprocessen met enkele van uw topleveranciers.

In het eerste geval zal een open platform waarop men suggesties kan posten en elkaars suggesties kan beoordelen een geschikte optie zijn. In het tweede geval is een gesloten collaborative platform waarop chatsessies, microblogging, webinars en uitwisseling van informatie kan plaatsvinden (zoals projectmanagementinformatie, notulen van meetings, tekeningen, testresultaten), meer geschikt zijn. Op dit moment zie ik nog wisselende resultaten bij bedrijven die experimenteren met het toepassen van social media in een SCM-context. In sommige gevallen erg succesvol en in andere gevallen is de adoptie maar matig.

Wanneer alle Web 2.0-mogelijkheden ingezet gaan worden om samenwerking in de supply chain te faciliteren, zou dat een enorme sprong vooruit betekenen in snelheid en transparantie. Professionals vanuit diverse functionele gebieden zullen in staat gaan worden gesteld om elkaar eenvoudig en snel te vinden en met elkaar in gesprek te gaan.

Uit de Social Capital-theorie weten we dat daar waar mensen met elkaar in gesprek gaan er wederzijds begrip ontstaat. Dit levert voor inkopers een probleem op. Wat te doen met die vrije uitwisseling van kennis, informatie, ervaringen en hulp? Er wordt immers waarde uitgewisseld. Moet daarvoor ook eerst worden onderhandeld en een contract voor worden opgesteld waarin tot in de details wordt vastgelegd wat wel en wat niet met elkaar mag worden uitgewisseld? Of toch maar vrij laten? Een lastig vraagstuk. Cruijff zei het al: ‘Elk voordeel heb ze nadeel.’

Frank Rozemeijer is NEVI hoogleraar Purchasing & Supply Management aan Maastricht University.
Reacties: f.rozemeijer@maastrichtuniversity.nl