Economische groei laat zich lastig voorspellen

Indicatoren die inzicht kunnen geven in de ontwikkeling van de economie op de korte termijn kunnen altijd op veel belangstelling rekenen. Helaas lijken die indicatoren de laatste tijd echter weinig accuraat. Vaak wordt een te positief beeld over de groei van de economie geschetst. Met name voor de eurozone is dat het geval, meldt het FD van 17 november 2015.

Als bekendste indicator geldt de PMI, de Purchasing Managers Index. Het is een maatstaf die bijhoudt hoe de activiteiten zich ontwikkelen van de inkopers van bedrijven. Als deze managers meer grondstoffen of technische hulpmiddelen inkopen, moet dit wel het gevolg moet zijn van toegenomen activiteiten van een bedrijf, is het idee. De PMI heeft de reputatie een van de beste voorspellers te zijn van de ontwikkeling in het komende halfjaar.

Bureau Markit stelt de PMI’s samen voor Europa, branchevereniging Nevi doet dat voor Nederland. Voor de eurozone schommelt de PMI inmiddels al een half jaar rond de 54; in theorie duidt dat op een heel gezonde groei van de economie. De werkelijkheid is anders. De harde groeicijfers schetsen een heel magere groei, met plusjes van 0,4 en 0,3 procent voor de afgelopen twee kwartalen.

Voor het eigen land is het beeld al niet anders. Waar de Nevi al geruime tijd met fraaie cijfers voor Nederland schermt, komt de groei in werkelijkheid nauwelijks van de grond. Hetzelfde geldt voor andere ‘voorspellers’ in de eurozone. Keer op keer blijkt dat de beloofde groei uiteindelijk uitblijft.

Maatstaf voor inflatie

Bankanalisten die dagelijks met deze indicatoren werken, zitten met de kwestie in hun maag. Aline Schuiling van ABN-Amro vraagt zich in het FD af of de indicatoren de kracht van de economie overschatten of dat het misschien juist zo is dat de dynamiek van de economie onvoldoende tot uitdrukking komt in de cijfers van het bruto binnenlands product (bbp).

Elwin de Groot van de Rabobank plaatst in het dagblad op zijn beurt vraagtekens bij de volledigheid van het beeld over de verkopen via internet. Ook vraagt hij zich af of de maatstaf voor inflatie wel deugt. ‘Als die door alle technische veranderingen te hoog wordt ingeschat, is de groei van het reële bbp in feite hoger.’