Big Data: een garage vol oude kranten

Ik ben de berichtgeving over Big Data een beetje beu. En vooral die paniekerige of juist euforische berichten hierover, veelal van hard- en softwareleveranciers en van magazines die deze bedrijven napraten. Tot dusver ben ik nog niet op de essentie van Big Data gekomen.

Ik zie Big Data als een garage vol oude kranten: zolang je de ruimte beschikbaar hebt, is het geen probleem om de oude kranten op te slaan. De vraag is of je vrijwillig of noodgedwongen deze grote hoeveelheid data opslaat. Hoe moeilijk of hoe makkelijk is het om opslagcapaciteit uit te breiden? Ga je vrijwillig de oude kranten opslaan? Je kunt ze ook meegeven met het oud papier. Wat ga je met de oude kranten doen? Die verzameldrift heeft alleen zin als je iets zinnig in deze berichten denkt te vinden. Maar hoe weet je of je nieuwe onverwachte inzichten en verbanden uit deze oude kranten kunt halen. Dat beeld doet me gelijk denken aan de films ‘A Beautiful Mind’ (2001) en ‘Conspiracy Theory’ (1997) met respectievelijk een schizofrene wiskundegenie, gespeeld door Russell Crowe, en een complottheorieën najagende amateurjournalist, gespeeld door Mel Gibson, die elke krantenknipsels verzamelen en verbanden leggen. Het draait in die films en de oude kranten in mijn ogen allemaal om patroonherkenning, ook bij Big Data.

Lichtzwaard in Star Wars

Tomáš Sedláček (2)Tijdens een recent congres van softwareleverancier SAS in Amsterdam hoorde ik twee inspirerende sprekers die mij (eindelijk) nieuwe inzichten gaven over Big Data, maar wel op een indirecte manier. Volgens Tomáš Sedláček, macro-econoom bij een Tsjechische bank, is de Westerse economie manisch depressief. ‘Manische depressie is een bipolaire disorder, net als alcoholisme met hoogte- en dieptepunten. Je kunt een alcoholist niet helpen door alleen de negatieve effecten van alcohol weg te nemen. Eerst moet je de manies, de hoogtepunten, adresseren. Wij zijn in het Westen gewend geraakt aan de goede jaren. Het probleem van de Westerse maatschappij is het gebrek aan verbeelding van de laatste generaties.’ Het draait om herkennen van patronen: welke cycli doorloopt de business. Maar ook het benoemen van bepaalde aannames is volgens Sedláček essentieel: ‘Als je naar Star Wars kijkt, dan moet je geloven dat een lichtzwaard werkt; je moet bepaalde aannames geloven. Modellen van de werkelijkheid en processen zijn ook aannames. We nemen echter geen afstand, we kijken te dichtbij.’ Alsof je te dicht op een impressionistisch schilderij van Monet of Seurat staat.

Whitney Houston

Magnus Lindkvist (2)De Zweedse futuroloog Magnus Lindkvist gaf tijdens hetzelfde congres een goed advies voor het zoeken naar innovaties in wereld vol informatie: ‘Welke ideeën zijn nu out-of-sync in de nieuwe werkelijkheid? Technologie is overgegaan van heel duur naar beschikbaar voor iedereen, de zogenaamde IKEAfication.’ Dat lang niet alle informatie waardevol is wist Lindkvist scherp aan te tonen: ‘Je ben goed geïnformeerd, maar je hoofd zit vol onzin. Afgelopen jaar was Whitney Houston de meest gezochte zoekterm in Google. De hersenen prefereren sexy leugens boven de waarheid die verveelt.’ Mensen hebben blijkbaar de neiging de roddelrubrieken het meest interessant te vinden. ‘We moeten kijken naar geheimen om te innoveren’, adviseerde Lindkvist.

We moeten kortom goed weten naar welke oude krantenberichten, en niet alleen de favoriete roddelrubrieken, we gaan kijken om patronen te herkennen. Je moet goed weten wat je met Big Data wil bereiken om er überhaupt iets mee te doen. Tot dusver heb ik nog geen Eureka-moment gehad bij Big Data. Maar dat kan nog komen.

ir. Martijn Lofvers
hoofdredacteur
martijn.lofvers@supplychainmedia.nl