Afbouw van voorraden vertekent groeicijfer economie

De Nederlandse economie presteerde het eerste kwartaal van 2015 een stuk beter dan de officiële 0,4 procent groei die het Centraal Bureau voor de Statistiek (CBS) vorige week bekendmaakte. Doordat bedrijven inteerden op de voorraden, viel de groei lager uit, maar alle andere onderdelen van de economie presteerden sterk, bericht Het Financieele Dagblad van 15 mei 2015.

‘Als je alleen naar het kale percentage kijkt, valt het wat tegen, ook omdat de economie in het vierde kwartaal nog met 0,8 procent groeide, maar onder de waterspiegel ziet het er mooi uit’, zegt econoom Senne Janssen van ING in het FD. ‘Het is niet plausibel dat de bedrijven in het tweede kwartaal opnieuw de voorraden zo ver reduceren, dus dat kan de groei dan best een zet omhoog geven.’

De econoom denkt dat een groei van 2 procent over heel 2015 tot de mogelijkheden behoort. Het zou de hoogste groei zijn sinds 2008. Wel wijst Janssen erop dat er altijd onzekere factoren zijn. De Griekse kwestie, de eurokoers, de olieprijs of een lagere gasproductie kunnen nog als spelbreker fungeren.

Uitzonderlijke afwijking

In welke mate de verandering in de voorraden het kale groeipercentage heeft gedrukt, blijkt uit berekeningen van ING op basis van CBS-gegevens. De daling in de voorraden had een negatief effect van 0,9 procentpunt ten opzichte van het vierde kwartaal. Geschoond voor de voorraden was dus een groei van 1,3 procent kwartaal op kwartaal mogelijk geweest.

Janssen benadrukt dat voorzichtigheid geboden is bij de beoordeling van de voorraadeffecten vanwege de schommelingen die kunnen optreden. Toch vindt hij de afwijking dit keer zo uitzonderlijk en de prestatie van andere onderdelen van de economie zo stevig dat het zijns inziens dit keer gerechtvaardigd is het nu wél mee te nemen bij de beoordeling van de kracht van het herstel. Ook omdat een omgekeerd voorraadeffect het groeipercentage in het tweede kwartaal omhoog kan helpen.

Aardolie-industrie

ING haalt de aardolie-industrie aan als mogelijke verklaring voor de enorme voorraadreductie. Deze zou in het vierde kwartaal flink hebben ingekocht en grondstoffen hebben opgeslagen. Deze grondstoffen werden pas in het eerste kwartaal weer geëxporteerd, waardoor op dat moment een daling van de voorraad optrad.