Kandidaten Supply Chain Professional 2014 tonen leiderschap

04/18/2014 at 4:35 pm | Marieke

Kandidaten SCP2014

V.l.n.r.: Anita Arts, Bart van Schaik, Marcel van Rossum, Marco Verberne, Jeroen van Weesep

 

 

Het succes van supply chain management staat of valt met samenwerking. Voor samenwerking is leiderschap vereist. Anita Arts van Liberty Global, Bart van Schaik van Arla Foods, Marco Verberne van DSM Dyneema en Jeroen van Weesep van Lego – de vijfde kandidaat Marcel van Rossum van Johnson & Johnson ontbrak noodgedwongen – lieten tijdens de voorverkiezing zien hoe zij invulling geven aan deze begrippen. Zij stellen de jury voor de onmogelijke opgave om op weg naar de finale twee kandidaten te moeten laten afvallen.

Door Marcel te Lindert

Op het statige landgoed Oud-Bussem – het onderkomen van SAS – vergeleek juryvoorzitter Jack van der Veen de Supply Chain Professional-verkiezing met een oud- en nieuwviering. De oude winnaar maakt plaats voor een nieuwe, een goed moment om terug- en vooruit te kijken.

Dat moment van reflectie bracht Van der Veen tot de constatering dat het vakgebied supply chain management de puberleeftijd ontgroeit en uitgroeit tot een mooie jongvolwassene. ‘De opleidingen zijn in trek en steeds meer bedrijven zien het belang in van supply chain management. Daarvoor bestaan een aantal redenen, waaronder de crisis, de beschikbaarheid van IT en de toenemende ketenverantwoordelijkheid op het gebied van ecologische en sociale duurzaamheid. Het vakgebied zelf is echter ook veranderd. Supply chain management gaat allang niet meer alleen over plan, source, make en deliver. Van supply chain professionals wordt verwacht dat ze een visie hebben en een bijdrage leveren aan het bedrijfsresultaat. Ze moeten leiderschap tonen en zorgen voor samenwerking, betrokkenheid en teamwork’, vertelde de voorzitter, die daarmee meteen de toon zette voor de vijf kandidaten die strijden om de titel Supply Chain Professional 2014.

Givers of takers?

Dat samenwerking belangrijk is, betoogde ook Patrick Vermeren, auteur van het managementboek Rond Leiderschap. De vraag of we moeten samenwerken of concurreren is één van de belangrijkste leiderschapsvraagstukken. ‘Zijn we ‘givers’ of ‘takers’? Givers willen meer waarde creëren en de taart vergroten. Takers zijn alleen geïnteresseerd in het verdelen van de taart en eisen hun belang op’, aldus Vermeren, die aangeeft dat samenwerking in het instinct van mensen zit. ‘In de loop der tijden is de mensheid erin geslaagd om de taart heel veel groter te maken. Cijfers tonen aan dat geweld en armoede in de wereld afnemen, ook al ervaren we dat soms anders.’

Dat samenwerking loont, blijkt ook uit wetenschappelijk onderzoek. In verkoop halen givers vijftig procent meer omzet dan takers. Ook uit onderzoek onder geneeskundestudenten blijkt dat givers elf procent beter presteren. ‘Vergeet ook niet dat vrijwel alle innovaties het resultaat zijn van samenwerking’, stelt Vermeren.

Toch is samenwerking niet vanzelfsprekend. Statusdrang of oneerlijk gedrag kan ervoor zorgen dat een samenwerking stuk loopt. Een andere reden is dat mensen graag bij een groep willen horen, wat impliceert dat ze zich afzetten tegen andere groepen. ‘Dat zie je ook terug in bedrijven waar het silo-denken vaak gemeengoed is en waar afdelingen strijden om budgetten.’

Pupillenelftal

Samenwerking is ook een rode draad in de aanpak van de vijf kandidaten voor Kinoa, het fictieve bedrijf dat in moeilijkheden verkeert. De kandidaten zijn benoemd als nieuwe vice-president supply chain en moeten hun aanpak voor dit bedrijf presenteren.

Anita Arts van Liberty Global is een groot voorstander van sales & operations planning (S&OP). ‘Kinoa moet gaan werken met één plan, dat door de hele organisatie moet worden gedragen. Er moet een end-to-end integrated supply chain ontstaan. Daarnaast moeten we een matrix-organisatie neerzetten. Waar zitten de mensen met de juiste competenties? Zet die op de juiste plek.’

Bart van Schaik van Arla Foods vergelijkt Kinoa met een pupillenelftal. Als de bal naar links gaat, gaan alle spelers naar links. ‘Leiderschap ontbreekt. De CEO is niet bepaald het toonbeeld van besluitvaardigheid’, aldus Van Schaik, die niet direct volop op het ketendenken wil inzetten. ‘Eerst moeten intern de zaken op orde zijn. Get the basics right.’

Marco Verberne van DSM Dyneema wil de klus niet in zijn eentje klaren, maar met een team van leiders dat samen de schouders eronder wil zetten. ‘Misschien moeten we daarin ook klanten en leveranciers opnemen. Bij DSM heeft dat gewerkt. Je moet je kwetsbaar durven opstellen’, aldus Verberne, die het liefst de titel ‘bruggenbouwer’ op zijn visitekaartje zou zien staan.

Jeroen van Weesep van Lego stelt voor om de ceo en de managers van de drie business units van Kinoa bij de supply chain agenda te betrekken. ‘Wat mij verbaast is dat Kinoa een bedrijf heeft gekocht, maar dat niet heeft geïntegreerd. We moeten er één mooi bedrijf van maken. Daarnaast wil ik een supply chain-scan organiseren en een cross-functioneel team samenstellen dat het MT van advies gaat voorzien.’

Marcel van Rossum van Johnson & Johnson vindt het luisteren naar de voice van de klant het belangrijkste uitgangspunt, meldt hij vanuit het buitenland via een conference call aan de jury in een apart zaaltje van SAS. Hij schetst een duidelijk stappenplan om Kinoa te integreren en verbeteren. ‘Deze stappen wil ik niet sequentieel doen, maar parallel. Het bouwen aan het fundament met de veiligheid voor medewerkers en de introductie van een S&OP-proces loopt naast de overige stappen.’

Visual analytics game

De door BLMC ontwikkelde business case over Kinoa is niet de enige proeve van bekwaamheid die de kandidaten hebben uitgevoerd. Eerder op de dag hebben ze een visual analytics game van SAS gespeeld, waarvoor ze hun analytische vaardigheden hebben moeten aanspreken. Voor veel kandidaten was dat even wennen omdat ze in hun teams over goede data-analisten beschikken.

De komende tijd ondergaan de vijf kandidaten ook een leiderschapstest, die is gebaseerd op een leiderschapsmodel dat wetenschappers van de Vrije Universiteit, de Universiteit van Gent en de Universiteit van Antwerpen samen met Patrick Vermeren hebben opgesteld. De kandidaten moeten de test met 114 vragen twee keer invullen: één keer zoals ze nu presteren en één keer zoals ze graag zouden willen presteren. Daarnaast wordt de test ook ingevuld door de leidinggevende, enkele collega’s en alle mensen die aan de kandidaat rapporteren.

Op basis van al deze informatie maakt de jury – bestaande uit Jack van der Veen, BLMC-directeur Michel van Buren en vijf oud-winnaars – de komende weken een eerste schifting. Drie kandidaten strijden vervolgens tijdens de finaledag op woensdag 4 juni om de titel.

Schrijf je in voor de nieuwsbrief